Hangmat
Mijn broer heeft een bos. Dat geloof je vast niet, maar het is echt waar. Niet heel groot, maar wel heel mooi. Met een variatie aan bomen, struiken en wilde dieren. Kleine dieren weliswaar, maar heel divers. Als je een wandelingetje maakt door het bos, over het paadje dat mijn broer eigenhandig heeft gecreëerd, dan hoor je het geritsel in de struiken, dan zie je het gekrioel op de bodem en voel je het gekriebel op je gezicht. Daarnaast hoor je het gekwetter en gekwinkeleer van de vogeltjes in de bomen, springend van tak op tak, elkaar het hof makend in het voorjaar.
Het bos van mijn broer is kortom een paradijs in het klein. En het leuke is dat hij in dat bos een hangmat heeft opgehangen tussen twee sterke eiken en iedereen die wil mag zich daar in nestelen. Je kunt je misschien wel voorstellen dat wanneer ik bij mijn broer kom, ik als eerste naar die hangmat ren. Hup, me erin laat vallen en mijn ogen sluit. Het enige wat ik dan nog doe is luisteren en ruiken, om daarna in slaap te vallen en alles te vergeten wat me zorgen baart.
